Pixelverschuiving-multi-opname
In Pixelverschuiving-multi-opname neemt de camera 4 of 16 RAW-beelden op terwijl de beeldsensor één pixel of een halve pixel per keer wordt verschoven. U kunt beelden met een hogere resolutie genereren dan mogelijk is met normaal opnemen door deze beelden op een computer te combineren met behulp van Imaging Edge Desktop (Viewer). Deze functie is handig bij het opnemen van stationaire onderwerpen, zoals kunstwerken en architectuur.
U kunt de beelden na het opnemen automatisch combineren met behulp van Imaging Edge Desktop (Remote), of u kunt de beelden importeren in een computer en combineren met behulp van Viewer nadat ze alleen met de camera zijn opgenomen.
De methode die gebruikmaakt van Remote voor opnemen wordt hier beschreven. Voor de methode die gebruikmaakt van opnemen op de camera, raadpleegt u de Helpgids.
Ondersteunde apparaten
Raadpleeg de volgende pagina voor informatie over ondersteunde apparaten.
Opmerking
- Alleen RAW-beelden die zijn opgenomen in de RAW-opnamemodi [Ongecomprim.] of [Gec. z. verl.] worden ondersteund als bronbestanden. RAW-beelden die zijn opgenomen in de modi [Gec. z. verl. (L)], [Gec. z. verl. (M)], [Gec. z. verl. (S)], [Gecompr. (HQ)] of [Gecomprimeerd] worden niet ondersteund.
- De menuonderdelen die kunnen worden geselecteerd tijdens het configureren van instellingen, verschillen afhankelijk van uw cameramodel.
Aanbevolen systeemvereisten
Wanneer 16 RAW-beelden worden gecombineerd tot één beeld, zal de grootte van de gegenereerde RAW-beelden met de bestandsextensie ARQ ongeveer 2 GB zijn.
De bediening en procedure voor het combineren van beelden op een computer kan in sommige gevallen enige tijd duren. Daarom bevelen wij de volgende systeemvereisten aan.
| CPU: | 11e generatie Intel Core i7-processors 3,0 GHz of hoger |
| Geheugen: | 16 GB of hoger Minimaal 32 GB aan geheugen is vereist als het aantal opgenomen pixels per beeld hoger is dan 50 M en het aantal te combineren beelden 16 is. |
| Opslag: | Ingebouwde SSD |
De tijdsduur die nodig is om de beelden te combineren is als volgt. (Gebaseerd op de testomstandigheden gedefinieerd door Sony.)
- Het duurt ongeveer 3 minuten als het aantal beelden dat wordt gecombineerd 16 is.
Het kan langer duren om de procedures voor het combineren en ontwikkelen van beelden te voltooien, afhankelijk van de gebruiksomgeving en de prestaties van uw computer.
Opnemen met afstandsbediening
Opmerkingen over voorbereidingen voor opnemen
- Zet de camera stevig neer met een statief of iets dergelijks op een stabiele, trillingsvrije locatie.
- Zorg ervoor dat de bewegingen van personen in de buurt, voorwerpen, enz. er niet toe leiden dat het onderwerp beweegt.
Opmerkingen over opnemen
- Zorg ervoor dat de opnameomgeving zodanig is dat de belichting van het onderwerp niet varieert. Met name bij het opnemen van sterk reflecterende onderwerpen, zoals metaal of glas, verzekert u zich ervan dat de helderheid van het onderwerp niet wordt beïnvloed door bewegingen in de buurt.
- Stel een geschikte belichtingstijd in omdat sommige lichtbronnen kunnen flikkeren.
- Wij adviseren u om de beelden op te nemen met ISO3200 of lager om een hoge beeldkwaliteit te krijgen.
- Als de camera of het onderwerp instabiel is tijdens het opnemen, kan het onmogelijk zijn om de RAW-beelden correct te combineren, waardoor minieme rasterpatronen ontstaan.
Opmerkingen over het gebruik van de flitser
- Als de hoeveelheid licht die door de flitser wordt uitgezonden inconsistent is tussen opnamen, worden de beelden mogelijk niet correct gecombineerd. Om de hoeveelheid uitgezonden licht te stabiliseren, probeert u het flitsniveau te verhogen of de verlichtingshoek te verbreden.
- Stel het opname-interval in rekening houdend met de benodigde tijdsduur voor het opladen van de flitser.
- De flitssynchronisatiesnelheid verschilt afhankelijk van uw cameramodel.
- ILCE-1M2, ILCE-1: 1/200 seconde
- Raadpleeg de Helpgids voor meer informatie over andere cameramodellen.
- Tijdens het opnemen in de functie Pixelverschuiving-multi-opname kunt u de optische draadloze flitser niet gebruiken.
-
Configureer de volgende instellingen op de camera om RAW-beelden over te brengen naar de computer.
MENU →
(Netwerk) → [Verb./opn. afst.] → [Instell. opn. op afst.] → [Beeldopslagformaat] → [Oorspronkelijk]* De namen van de menuonderdelen verschillen afhankelijk van uw cameramodel. Als uw camera geen onderdeel [Beeldopslagformaat] heeft, is deze stap niet nodig.
-
Sluit de computer en de camera op elkaar aan.
-
Raadpleeg de pagina van de onderstaande koppeling voor informatie over het maken van aansluitingen en het configureren van de instellingen.
De camera aansluiten op de computer
-
-
Selecteer in Remote de instelling Pixelverschuiving-multi-opname.
-
Op het Paneel Modus selecteert u [Pixelversch.-m.-opn.]. Als alternatieve bediening, selecteer in het menu [Camera-instellingen] het item [Pixelversch.-m.-opn.].
* U kunt Pixelverschuiving-multi-opname niet gebruiken in een andere opnamefunctie dan P, A, S of M.

-
Selecteer in het Paneel opnemen het aantal foto's en het opname-interval uit de diverse beschikbare instellingen.
We raden u aan het kortste opname-interval te selecteren.
Bij gebruik van een vattingsadapter (LA-EA1/LA-EA2/LA-EA3/LA-EA4/LA-EA5) is het opname-interval mogelijk langer.

-
-
Neem op met behulp van Remote.
-
Klik op het paneel Opnemen op de sluiterknop.

Het ingestelde aantal RAW-beelden wordt ononderbroken opgenomen.
-
Tip
- Bij opnemen op afstand kan het lang duren om de beelden over te dragen via een Wi-Fi-verbinding. In dergelijke gevallen adviseren wij u om bij opnemen op afstand een USB-verbinding te gebruiken. U kunt ook opnemen door onder [Instell. opn. op afst.] het onderdeel [Opsl.bestem. stil. bld] in te stellen op [Alleen camera], vervolgens de RAW-beelden te importeren in een computer en deze ten slotte te combineren met behulp van Viewer.
- Het kan nuttig zijn om het aantal opnamen in te stellen op [1 foto] en een proefopname te maken. Gebruik het proefbeeld om te controleren of de opname-instellingen (zoals de flitslichtintensiteit en hoek) correct zijn.
Beelden combineren
Bij opnemen met Remote
Nadat het opnemen klaar is, wordt Viewer gestart, worden de opgenomen beelden gecombineerd en wordt van het resultaat een RAW-bestand gegenereerd (met extensie .ARQ).
- Bewegingscorrectie wordt niet toegepast op automatisch gegenereerde RAW-gegevens. Om bewegingscorrectie te gebruiken, importeert u de RAW-beelden die u hebt opgenomen in een computer en combineert u deze met behulp van Viewer.
Bij opnemen met de camera zelf
-
Breng de opgenomen RAW-beelden (bestandsextensie: ARW) over naar een computer.
-
Open Viewer, selecteer aan de linkerkant van het venster bij "Mappen" de map waarin de RAW-beelden zitten en selecteer één RAW-beeld dat is opgenomen met behulp van Pixelverschuiving-multi-opname.
-
Selecteer [Comp.-RAW-opn verwerken] → [Samengestelde Pixelversch.-m.-opn.-afbeelding maken] (1 beeld maken)] of selecteer [Samengestelde Pixelversch.-m.-opn.-afbeelding maken] (4 beelden maken uit 16 beelden)]* op het menu [File].
U kunt ook selecteren door met de rechtermuisknop te klikken (Windows) of door te klikken terwijl u de Control-toets ingedrukt houdt (Mac).
* 4 afbeeldingen maken op basis van 16 afbeeldingen: Eén beeld wordt gegenereerd uit 4 beelden in opnamevolgorde, waardoor in totaal 4 gecombineerde beelden ontstaan. Probeer deze methode wanneer de 16 bronbeelden enkele instabiele beelden bevatten die kunnen verhinderen dat de RAW-beelden correct worden gecombineerd, of wanneer een extreem hoge resolutie niet nodig is.
-
Configureer instellingen zoals Bewegingscorrectie en Bestandsinstellingen.

- Uitvoermethode
-
Selecteer de waarden voor de beeldverwerkingsinstellingen.
Om andere beeldverwerkingsinstellingen toe te passen, raadpleegt u de pagina van de onderstaande koppeling.
Beeldverwerkingsinstellingen opslaan en deze toepassen op een ander beeld of op meerdere beelden tegelijk - Bewegingscorrectie
- U kunt de functie [Bewegingscorrectie] gebruiken om een samengesteld beeld te stabiliseren als het een bewegend onderwerp bevat.
- Bestandsinstellingen
- Selecteer bij Opslagformaat de optie ARQ-indeling.
-
Klik op [Doorgaan] om te beginnen met het combineren van de beelden.
Wacht totdat een bericht wordt afgebeeld dat zegt "Alle verwerking voltooid".
Nadat de verwerking voltooid is, wordt het beeld opgeslagen in de opgegeven bestemmingsmap.
- Beelden met onvoldoende gegevens van de Pixelverschuiving-multi-opname en beelden in een incompatibel bestandsformaat worden overgeslagen tijdens het combineren van beelden.
Beelden aanpassen en ontwikkelen
Schakel vervolgens over naar Edit om de RAW-gegevens te ontwikkelen of deze uit te voeren als bestanden in JPEG- of TIFF-formaat.
Raadpleeg de pagina van de onderstaande koppeling voor informatie over het gebruik van Edit.
Het venster Edit
Tip
- Afhankelijk van de systeemconfiguratie van de computer die u gebruikt, kunt u de benodigde tijd voor het aanpassen van de beelden mogelijk verkorten door het Viewer-venster te sluiten tijdens het aanpassen van de beelden in Edit.
- U kunt de ruis verminderen die zich voordoet aan de randen van beelden in Pixelverschuiving-multi-opname. Deze ruis wordt veroorzaakt door trillingen of andere factoren. Gebruik de schuifregelaar om de mate van correctie aan te passen. Dit palet wordt alleen weergegeven wanneer een Pixelverschuiving-multi-opnamebeeld (ARQ-formaat) is geselecteerd.

U kunt ook Viewer gebruiken in combinatie met een andere applicatie om samengestelde beelden over te brengen naar de andere applicatie en de beelden daarin aan te passen.
Om een andere applicatie in combinatie te gebruiken, moet u van tevoren instellingen voor de externe applicatie configureren.
Raadpleeg de pagina van de onderstaande koppeling voor informatie over het configureren van instellingen.
Externe programma's registreren
Wanneer u een extern programma registreert, wordt een item voor het overbrengen van data naar de geregistreerde applicatie toegevoegd in Viewer aan het menu [Extra].